Onze reis door Zuid- Oost Azië.
Ingediend op maandag 29 oktober 2012 om 21:52 uur door Elmar Otter
Donderdag, 13 oktober.

Met een bus zijn we 's morgens om 9 uur vertrokken naar Vientane, na een heerlijk ontbijt op het terras aan de Mekong.
Het eerste deel ging over slechte wegen, kuilen of helemaal niet verhard en veel haarspeldbochten, maar later ging het beter.

Tegen kwart voor een waren we in Vientiane, daar zouden we opgewacht worden door een gids, die ons naar het hotel zou brengen.

Niemand dus, gelukkig gingen Evi en Ivo naar het zelfde hotel, en zijn we met die gids meegereden, die wist ons te vertellen dat we naar een ander hotel moesten, omdat ons hotel was volgeboekt.

Dokkham, de organisatie die ons in Laos begeleidt, laat nog al eens steekjes vallen, en heb meteen gebeld naar hun kantoor, dat het misschien handig was om ons in te lichten als er iets veranderde. Ik heb meteen voor de rest van de tijd in Laos goede afspraken gemaakt.

Ik vind het niet erg als er iets verkeerd gaat, maar we hadden al vaker een kleine miscommunicatie meegemaakt, dus nu maar akte ondernemen, omdat we de volgende dag al om 5 uur 's morgens naar het vliegveld moesten.
Na drie keer opgebeld te zijn, is alles goed geregeld en zou de rest van ons programma goed worden uitgevoerd. En we kregen als excuus een maaltijd aangeboden. Afijn probleem opgelost.
Vientiane is de hoofdstad met mooie straten en een paar prachtige gebouwen, zelfs een mini supermarkt waar we stokbrood en baguettes konden krijgen. Deze week was daar in Vientiane een groot congres van de Aziatische en Europese organisatie over de ontwikkeling van landbouw en onderwijs in dit deel van de wereld. Dit was de reden dat ons hotel was volgeboekt.

Vrijdag dus vroeg op en om half zeven vlogen we zuidwaarts naar Pakse, 750 km verder. Een uur en een kwartier later landden we op het vliegveld van Pakse, zoiets als vliegveld Eelde.
We kregen zelfs ontbijt in het vliegtuig, en ons hotel had ook voor een lunchpakket gezorgd, genoeg te eten dus. Op het vliegveld namen we afscheid van Evi en Ivo, zei gingen naar een andere bestemming en na het weekend naar huis.
Onze gids liet even op zich wachten, maar toen was hij ook snel bij ons, om ons naar het Resident Hotel te brengen,een mooi oud koloniaal gebouw, in Franse stijl. Om half negen liepen we al op de ochtendmarkt.

Je weet niet wat je ziet, een megamarkt met een bedrijvigheid die ik nog niet meegemaakt heb. Groente, fruit,levende vis, kikkers, sprinkhanen, vlees , bloemen, enz. En de handel ligt bij 30 graden ongekoeld met vliegen die op de levensmiddelen zitten.

Een walm van benzinerook door de vele scooters en tuktuks, maar alles kost haast niets voor onze begrippen, en het was er vreselijk druk, de handelaren waren allemaal vrouwen, met of zonder kinderen of baby's.

Zo zie je hoe de lokale bevolking hun eten, drinken en kleding koopt, mooi om mee te maken, scooters afgeladen met boodschappen, en vaak meerdere personen erop, tuktuks die volgestouwd werden. Met uitzondering van het fruit, was al het eten niets voor onze magen denk ik . Daarna zijn we nog naar de brug gewandeld, en kwamen een winkel tegen met wijn en whiskey.
Wijn is hier duur, en whiskey ongeveer net zo als in Nederland, hier in deze winkel was de wijn niet duur, maar later bleek het woord wijn misleidend, want het was wijn van een exotische vrucht, de whiskey uit AustraliŽ, kostte maar vier euro, tja dat was voor mij toch een andere prijs dan ik bij Aeilke betaal.En deze wijn was niet te drinken! Er moest water bij (Doetie). Eten en drinken is hier erg goedkoop, in een land waar het gemiddeld inkomen Ä 1200 per jaar is, moet dat ook wel, en er is een overvloed aan goederen op de markt. Vietnamezen zijn hier ook nadrukkelijk aanwezig, alle topposities in bedrijven hebben Vietnamezen, blijkbaar zijn die zakelijker ingesteld, maar ook hebben ze een hogere opleiding. Wat wel veranderd is, is het aantal jongeren dat naar de hogeschool of universiteit gaat, logisch eigenlijk, in dit land bestaat 50% uit jongeren tot 24 jaar.
's Avonds hoorden we veel krekels en cicaden en zagen soms wel tien hagedissen te gelijk op een muur, het is ons vaak te warm 's avonds buiten te zitten, dus gaan we binnen, waar de airco aanstaat en zitten we lekker te lezen, en luisteren we naar muziek.

Zaterdag 20 oktober zijn we 's morgens vroeg vertrokken naar Khong Island.

Voor we weg gingen had ik de baas van Dokkham al weer voor de telefoon, weer uitleggen wat er mis gaat, ja, het werkt nu eenmaal anders dan in Europa.
Daarna vertrokken we naar Wat Phu Champasak, een tempel die in 2011 door Unesco is uitgeroepen tot werelderfgoed. Een complex met heel oude gebouwen uit de 9e eeuw.
We zijn lopend gegaan, over een verhard pad dat naar boven leidt, waar de Wat staat, maar we moesten nog hoger, vele treden verder en vlakbij de rivier.

Een grote boeddha en kleine iconen staan er met de god Shiva, en verderop een grote steen met een olifant erop, en ook nog een met een krokodil erop. Na het museum te hebben bezocht waar Vishna ( ook een god) mooi is afgebeeld, hebben we in de stad nog lekker geluncht, in een restaurant aan de Mekong.
Waarna we naar Khong Island zijn gegaan, we moesten met een pont over, en over een hobbelige weg, die over het eiland liep naar ons hotel. Erg eenvoudig, maar een mooi restaurant aan de oever van de Mekong. 's Avonds gingen toen we gingen eten, was er voor ons gereserveerd, we zaten nog maar net of ons eten kwam er al aan, een grote vis, rijst en een schaal gekookte groente. Toen we de vis bijna op hadden, kwamen ze nog met een grote kom met kipcurry, dat was dus van de organisatie die de gidsen en hotels voor ons boeken, voor de fouten die ze hadden gemaakt.

Zondag 21 oktober,

Na een lekker ontbijt, hier was stokbrood aanwezig, dat hebben we nog niet vaak gehad, de invloed van de Fransen is dus wel te merken, zijn we gaan fietsen.
Je kunt in vier uur om het eiland fietsen, in het begin was het wel lekker om te fietsen en hadden we dikwijls schaduw. We kwamen over een stuk onverharde weg, waar mensen in hutjes wonen.

Maar het pad liep dood bij de Mekong, toen maar een andere weg genomen die verhard is , vanaf het zuidelijkste deel naar boven hadden we weinig schaduw, en het werd steeds warmer. We kwamen langs rijstvelden waar de mensen aan het oogsten waren, sommigen waren al rijst aan het drogen.

Ook kwamen we veel kinderen tegen, die groetten met 'Sabeidee' ( Hallo ), leuke begroeting vinden we dat.
Toen we in een dorpje kwamen, hebben we besloten om een kortere weg te nemen, want het wordt te warm, we hebben ongeveer de helft ven het eiland verkend, wel een mooie tocht.
De volgende dag zijn we met een boot naar een ander eiland gegaan, daar is een grote waterval, en een stoomtrein uit 1920 die daar ooit heeft gelopen over een rail van 12 kilometer lang.

Na twee uur varen waren we er, en hebben toen eerst koffie gedronken. Daar ontmoetten we Canadezen, die met hun dochtertje ook in ons hotel hebben gelogeerd.

Daarna zijn we eerst naar het treintje geweest , om vervolgens naar de waterval te gaan, en dat is echt een grote waterval, de grootste van de Mekongdelta, overal stroomt het water uit de Mekong hier tussen de rotsen door, een prachtig gezicht.( zie foto's ). Natuurlijk waren hier ook overal kraampjes met sjaaltjes en t-shirts, eten en drinken. We hebben een kokosnoot genomen, waar heel veel kokosmelk inzat en anders dan in Thailand heerlijk zoet was. De kokosnoten worden vlak voor consumptie bewerkt , dus kersvers. Op de terugweg hebben we gekeken naar wat er allemaal op de oevers van de rivier te zien was.

Kleine huisjes, resorts, koeien bij het water, buffels die in de modder baden en af en toe een vogel. Hier zijn net als in Afrika vogels die op buffels zitten en insecten uit hun huid pikken. De terugreis met de stroom mee duurde ook weer twee uur. Toen we in onze kamer in het hotel kwamen, hadden ze de kamer niet schoon gemaakt. De sleutel hadden ze niet,werd er gezegd. Vreemd, de vorige dag hadden ze die ook niet en toen was te kamer wel schoon. ' s Avonds weer lekker op het terras gegeten aan de rivier, daar kun je dan wel uren zitten. Helaas gingen we de volgende dag al weer weg.
En dan zitten we al in Cambodja.