Onze reis door Zuid- Oost Azië.
Ingediend op donderdag 29 november 2012 om 19:47 uur door Henk Otter

Zaterdag,17 november.

Van uit Hanoi, zijn we met de nachttrein naar Lao Cia gereisd, 380 kilometer in 8 uur.
Door de bergen, alleen het was donker dus hebben we niet veel gezien onderweg.
We zijn maar vroeg gaan slapen, want om vijf uur komt de trein aan.
Anders dan hier is het station afgesloten voor publiek, je komt alleen op het perron, als je een kaartje hebt.
Aan de uitgang moet je het kaartje weer afgeven, waarna je door een ijzeren hek naar buiten kunt.
De gids en chauffeur stonden al op ons te wachten, waarna we snel op weg gingen naar Sapa, 38 km verder in de bergen, na een uur rijden waren we bij ons hotel.
Inchecken en dan nog even een paar uur slapen.
Bij het ontbijt was er kaas! Dat is lang geleden, zeg.
We merkten daar ook dat het frisser is, in de bergen van noord Vietnam.
Voor het eerst sinds onze reis, hebben we een lange broek, sokken en onze bergschoenen aangetrokken.
Het is weliswaar nog steeds 20 graden C, maar we hebben 7 weken gehad van 30+
Bij het verkennen van het dorp, kwamen we overal mensen van het bergvolk de zwarte Hmong tegen, heel vriendelijke mensen, die je handwerkspulletjes proberen te verkopen.
Ze lopen zo met je mee, alsof je ze al jaren kent, deze mensen bevolken voor 50% deze regio, ze zijn klein, vrouwen 1.45 meter en mannen 1.55 meter.
De vrouwen komen elke dag vanuit hun dorpjes lopen, op plastic sandalen, gemiddeld lopen ze 7 km door de bergen voor ze in Sapa zijn, om hun middel hebben ze garen, dat ze onderweg in elkaar draaien, als ze dan terug zijn, kunnen ze thuis met dat garen gaan weven. Het zijn vezels van een boom, die ze laten drogen, om ze daarna te gebruiken als garen.
Mannen zitten op hun scooters en vragen of je die wilt huren, of met hen een rit door de bergen wil maken, ook zie je ze huizen bouwen.
In het weekend gaan ze met de hele familie naar het centrum om samen te zijn, de vrouwen gaan op de markt hun goederen verkopen,de mannen gaan naar de kroegen om te praten en rijstwijn te drinken.
s Middags komen de vrouwen met hun verdiende geld naar de kroegen en betalen wat de mannen hebben gedronken. Tja, zo kan het ook.
Als de mannen te veel hebben gedronken, laten de vrouwen ze achter in de berm, zetten een paraplu boven de man zijn hoofd,tegen de zon of regen en gaan naar huis.

Zondag 18 november

Vanmorgen zijn we een bergtocht gaan maken van 11 km langs drie Hmongdorpen, we hadden onze gids gevraagd, om een mooie tocht voor ons organiseren.
Samen met hem liepen er ook Hmongvrouwen met ons mee, natuurlijk proberen ze ons wat te verkopen, maar ze wilden ook van alles over ons weten.
Twee vrouwen, Mae en Ma zijn tot het eerste dorp 7 km verder meegelopen, het eerste stuk ging over asfalt, waarna we op onverharde weg terecht kwamen. Maar dat is ook normaal in de bergen, onder ons loopt de rivier, een mooi gezicht.
Na zeven kilometer komen we dus bij het eerste dorp, we zien een ton met daarin zwart water lijkt het wel, het blijkt indigo te zijn, water met de plant indigo en urine van jonge jongens, wanneer het water donker is gekleurd, doen de vrouwen daar de kleding in om te verven, na drie dagen heeft het de goede kleur,dan wordt het gedroogd.
De vrouwen spreken redelijk Engels, dat leren ze van de toeristen.
Mae is vooruit gelopen, ze wil ons haar huis laten zien, een houten huisje met lemen vloer, de keuken is ook meteen de slaapkamer, daar is het in koude tijden warm, ze houden dan een vuurtje aan.
In dit dorp gaan we eten, lokaal voedsel, met lokaal bier, hier nemen we afscheid van Mae en Ma, ze willen graag wat geld van ons omdat ze meegelopen zijn. Met 30.000 dong zijn ze tevreden ( 1.25 ) p.p. natuurlijk.
Na het eten gaan we verder naar het dorp van de Rode Dao, vrouwen hebben een rode hoofdtooi op en zijn wat minder geneigd om met toeristen om te gaan. Ook deze minderheid probeert veel toeristen te verleiden voor aankoop van souvenirs en handgemaakte producten. De dorpen liggen vlakbij elkaar er zijn veel souvenirswinkeltjes. Je kunt hier ook overnachten in een homestay, beneden kun je eten en boven is er een grote slaapplaats, buiten is er een WC en douche.
We gaan via een kronkelend pad verder naar het laatste dorp, niet meer dan een stel huisjes bij elkaar, waar voornamelijk rijstboeren wonen. Verderop staat een auto voor ons klaar, waarmee we terug gaan naar Sapa.

Maandag 19 november

Vandaag zijn we weer een bergtocht gaan maken nu naar Cat Cat, een dorp onder Sapa.
Nu gaan we met ons tweetjes, hoewel er natuurlijk wel begeleiding is van een Hmongmeisje, ze bleek vrij te hebben van school, het was de dag van het onderwijzend personeel, we zagen al versierde scholen, later zagen we ook dat er gedanst en gezongen werd op scholen.Het eerste stuk langs de weg, was hetzelfde als gisteren, maar na een dikke kilometer sloegen we rechtsaf, een onverharde weg op. Na nog een kilometer en meerdere Hmongvrouwen om ons heen kwamen we bij het tickethuisje.
Daar moet je tickets kopen om naar het dorp te kunnen gaan, overigens was dat gisteren ook zo.
Het geld gaat naar onderhoud van de onverharde wegen en naar afwatering langs de wegen, zodat niet alles onder water komt te staan, zo gauw het gaat regenen.
Daar hebben we alle vrouwen achtergelaten, omdat we toch niets meer van hen kochten,
Alle souvenirs hadden we al gekocht en de koffer is tenslotte ook geen harmonica.
Het meisje bleef bij ons, dat was wel gezellig, onderweg zagen we weer veel rijstvelden en een gebouw met een hoge toren.
Het uitzicht is schitterend, een mooi dal en op de achtergrond hoge toppen. Op 950 meter hoogte werd onze ticket gecontroleerd en ging het pad omhoog, onderweg waren er weer allemaal kraampjes waar je van alles kon kopen, vooral handwerk. Vlak voor het dorp zagen we een winkeltje met sportartikelen met veel kleding van het merk The North Faces. Er hingen mooie dunne afritsbroeken, voor maar 24.000 dong ( 12 dollars ). Natuurlijk is alles veel goedkoper dan in Nederland, maar dit kwam ons wel goed uit. Dus maar elk een broek gekocht.
Het dorp bestaat uit allemaal houten woninkjes, met golfplaten op het dak. De mensen zitten daar op houten bankjes, een plank met twee kleine plankjes eronder 10 cm van de grond.
Na het dorp kwamen we bij de Tien Sa waterval, best wel een mooie. Waar ook elektriciteit
wordt opgewekt.
Onderweg kwamen we een Nederlandse vrouw tegen, die in twee maanden eerst met een vriendin en nu alleen Vietnam bezocht, daar zijn we nog samen een eindje mee opgelopen.
Wij gingen daarna over een smal pad naar boven waar we op 1600 meter hoogte kwamen, het meisje wist steeds de weg dat was wel makkelijk, hoefden we zelf niet zo op te letten waar we waren. Via een zanderige heuvel kwamen we weer in Sapa, om daar lekker even te genieten van de zon.

Dinsdag 20 november

Lekker rustig aan doen, een beetje wandelen en even over de markt lopen om een paar broodjes te kopen.
Verder weinig gedaan omdat we om vijf uur Sapa gingen verlaten. De chauffeur bracht ons naar Lao Cai , een dik uur rijden. Onderweg zagen we nog twee ongelukken, scooters die hadden gebotst en later een vrachtauto die was gekanteld, en dat over 38 km.
In Lao Cai gingen we naar het station om daar de nachttrein te nemen, die ons in acht uur tijd naar Hanoi bracht, 380 km door de bergen.

Woensdagmorgen waren we om half vijf in Hanoi waar een gids ons stond op te wachten en ons naar het hotel bracht, om daar nog een paar uur te slapen.
We hadden de tijd tot 12 uur om te slapen, opfrissen en te eten, daarna gingen we naar het vliegveld, om te gaan vliegen naar Bangkok, een vlucht van bijna 2 uur. Goodbye Vietnam.
We kregen in het vliegtuig een warme maaltijd. In Bangkok moesten we wachten op onze nachtvlucht terug naar Nederland. De tijd ging echter boven verwachting snel om, om drie uur vlogen we.
Met een tijdsverschil van zes uur, kwamen we om 9 uur s morgens aan op Schiphol, om uiteindelijk tegen drie uur thuis te komen.

We hebben een geweldige tijd gehad in Indo-China en komen daarom voldaan en met veel nieuwe indrukken terug in Stadskanaal.